CVA – Twintig seconden en alles staat op zijn kop ! / M.-P. Fayt Davin – Deel 7

Deel 7 – Hoofdstuk 5

Sinds mijn CVA durf ik veel vragen aan de mensen die ik tegenkom. Ik kan het aan om eventueel een “nee” te horen, zelfs al blijft het moeilijk te verwerken. Ik erger me niet ook veel gemakkelijk. Ik luister, ik krijg en ik begrijp…

Ik was een bedeesd iemand die voor zichzelf zorgde en obstakels uit de weg ging. Nu ik geen uitweg meer heb, ben ik vastberadener dan ooit. Ik herken mezelf niet meer.

Vandaag hou ik me bezig met de organisatie van opgenomen concerten. Woorden creëren, het concert voorbereiden, het concert beluisteren met een plezier dat misschien wel intenser is dan vroeger. Dit zijn allemaal activiteiten die ertoe bijdragen dat de neuronenverbindingen verbeteren. Met andere woorden: het zijn kostbare medicijnen. Al wat ik onderneem blijkt nuttig te zijn voor mijn revalidatie. Enthousiast, ingenomen, gefascineerd, geobsedeerd, dat ook… Ik laat me verrassen en al die dingen doen me nadenken.

Het gevoel van opnieuw te bestaan! De ganse tijd. Mijn activiteiten laten me toe om, op een bepaalde manier, mijn eigen “heropvoeding” te verwezenlijken.

Ik kies zelf mijn omgeving of het nu gaat over mensen die me verzorgen, familieleden of vrienden. Het eerste criterium is: goedaardigheid. Ik heb nood aan een dosis “goedaardigheid” om mijn goede wil te tonen. Mijn motor. Als gevolg van dit ongeluk, heb ik mezelf in hand genomen. Ik verdraag het niet om hulpbehoevend te zijn.
Beetje bij beetje maakt de vogel zijn nest.

Goede wil moet gevoed worden. Ik voed mijn goede wil. Ik vertroetel hem. Het is mijn locomotief.

Dromadaire

Ik heb besloten om te schrijven, zonder pretentie, enkel om het u uit te leggen. Ik doe dit in de hoop dat u in deze tekst vindt wat u altijd al hebt willen weten. De verklaring is veel belangrijker voor mij dan iets na te laten.

Om me beter te begrijpen, om er voor te zorgen dat u een nauwkeuriger beeld hebt van mijn “vertraagde tijd”.

Ik schrijf om mijn dagelijkse leven te vertellen, in gewone taal aan zo veel mogelijk mensen. Ik schrijf voor de jonge en de minder jonge mensen. Mijn kinderen hebben alles meegemaakt: wat er aan vooraf ging en wat er op volgde. Ze hebben het schrijven en het tot stand komen van het boek meegemaakt. Eén van mijn dochters stelde de vraag: “zal iemand geïnteresseerd zijn in dit verhaal?”

Het schrijven van dit boek lijkt op een betoverende pauze. ’s Morgens schrijven, na het ontbijt en voor mijn eerste activiteit. Of ’s avonds schrijven, als de nacht valt, in de winter, de minuten bijeen sprokkelen. Het is een obsessie geworden. Voor mij is dit een zeer groot project, zelfs al heb ik op dit ogenblik geen idee van het doel. Maar één ding is zeker: het maakt me voortvarend en het schept duidelijkheid in mijn gedachten.

Dromadaire

Het lijkt me onmogelijk om hier alle mensen te danken die me helpen in het leven, die me helpen bij de verwezenlijking van dit boek. Deze mensen zijn zo talrijk. Maar ik wil u toch spreken van de “dame van maandag’.

Elke maandag kan ik, dank zij haar wagen en haar talenten als chauffeur naar de kinesitherapie gaan. Ze brengt voor mij ware kleinnoden mee van de fair trade winkel waar ze werkt. Ik kies deze kleinoden thuis uit. Voor de eindejaarsfeesten komt dat goed uit. Daarenboven is de dame van maandag behendig met het klavier van de computer. Op verschillende momenten heeft zij gezorgd voor hoesjes en boekjes van Hongaarse liederen gezongen door de kinderen. Zij behoort ook tot de vrolijke groep van vriendinnen, die op woensdagmiddag, dingen maken, inpakken en opsturen.

De ‘dame van maandag’ neemt een groot stuk van de verbetering van mijn proza op zich. Zij verbetert mijn eerste versie. Daarna voeg ik er nog zinnen, paragrafen, anekdotes … aan toe. Dan is het weer de beurt van ‘de dame van maandag’ om zich opnieuw op de correctie te storten. Zij kijkt de leestekens na, ze voegt hoofdletters of kleine letters toe. Zo hebben veel mensen me geholpen om mijn verhaal te schrijven door de hoofdstukken te lezen en te herlezen. Het was bijna een echt schrijfatelier. Terwijl de dame met het “oranje” haar mijn gedachten op gang bleef houden.

Met de ‘dame van maandag’ ben ik op reis gegaan, naar het land van Pagnol, van Cézanne en van de geit van meneer Seguin. Ook onze uitstapjes naar zee mogen we niet vergeten.

Deze persoon is zeer bescheiden maar zeer efficiënt. Zij heeft voor alles een oplossing. Ze is toegewijd, staat me bij met raad en daad. Ze is zeer zacht met de kinderen en ook met onze (zeer wilde) kat. Deze vrouw laat me toe om te leven op mijn eigen ritme.

Als ik twaalf jaar was maakte ik kleine geurkaarsen. Ik liet paraffine smelten en ik voegde er stukjes geurende zeep aan toe. Ik had het idee dat ik kleine lichtjes maakte voor elke persoon die belangrijk was in mijn ogen.

Sedert mijn ongeluk realiseer ik me zeer goed hoeveel hulp ik krijg, hoeveel goedheid me gegeven wordt. Ik heb het geluk te kunnen baden in een zee van positieve gevoelens. Met dit alles in het achterhoofd, hou ik ervan om kleine geschenkjes te geven om iedereen te bedanken.

Als ik iedereen optel, denk ik dat ik me niet vergis als ik zeg dat er wel 24 personen zijn die ons kosteloos omringen